GranFondo Barcelona en Girona

Vandaag zijn we met 21 renners per luxe touringbus (meteen omgedoopt tot ‘ploegbus’) vertrokken voor de GranFondo Barcelona: een eendaagse ‘wedstrijd’ rond Barcelona. Er is een klassement voor zowel mannen als vrouwen, vandaar dat er een heuse vrouwenploeg aan boord is. Ter voorbereiding trainen we in de prachtige omgeving van Girona, uitvalsbasis van menig profwielrenner. De doelstellingen zijn divers: de een wil graag in vorm komen, de ander wil winnen als het even kan. Zelf wil ik vooral mijn hoofd leeg maken; het werk nam weer eens te veel tijd in beslag en het begon gevaarlijk te malen in de bovenkamer. De conditie is ondanks alles best in orde, sinds 1 januari is er 2800 kilometer afgelegd en de benen voelen goed.

De reis verloopt voorspoedig en iedereen praat Fietsiaans of leest ‘fieze boekjes’, onze aanduiding voor fietsliteratuur. Al snel dompel ik me onder in de eenvormige wereld van verzetten, elektronisch schakelen en voedingssupplementen. Sommige van mijn reisgenoten blijken te experimenteren met paracetamol opgelost in energie-drankjes! Ik denk onwillekeurig terug aan 20 jaar geleden, toen mij als snotneus voor het eerst ‘iets’ werd aangeboden om harder te rijden. Ik sloeg het beleefd af, maar wist vanaf dat moment zeker dat ‘nen drog’ onlosmakelijk met fietsen verbonden was. Veroordelen doe ik het nooit: de mens zoekt nu eenmaal de uiterste grens op en kijkt daarbij niet op een gram EPO meer of minder. Officieel wetenschappelijk bewijs voor de werking van doping is er amper, maar dat is ook niet nodig: wat werkt houdt men en de rest verdwijnt weer. Ik schiet in de lach als een renner met de bijnaam ‘De Gans’ vertelt dat hij zijn klassement ooit verklootte met een verkeerde spuit in zijn bil.

Is het toeval dat zowel in het criminele circuit als in de wielerwereld bijnamen populair zijn? Holleeder is ’de Neus’, vanwege omvangrijk reukorgaan, je had de ‘Dominee’, omdat de drugsbaron een voorliefde had voor zwarte kleding en iedereen kent ‘Il Elefantino’ (naar de flappers van Pantani), of ‘Il Falco’ (Savoldelli daalde het snelst) en je had ‘Monsieur Chrono’ (Anquetil was fenomenaal in de tijdrit). Onze onbetwiste kopman wordt door ons ‘Ballerman’ genoemd. Je hebt ‘El Pistolero’ en dat levert in het Duits ‘Der Ballermann’ op. Voeg daarbij dat ‘Ballermann 6’ een bekend café is op Mallorca waar de kopman ooit uitrolde en voilà een nieuwe bijnaam is geboren.

Ons appartement bevindt zich vlakbij de kathedraal van Girona (ik schreef er eerder al over) en beschouw dat als een goed teken. Helaas zit er een loei van een klok in de toren, die ook ’s nachts laat weten dat niet alleen een heel, maar ook een half uur verstreken is. De vrouwenwielerploeg zit gezamenlijk op 1 kamer en verbruikt naar eigen zeggen moeiteloos 5 toiletrollen per dag. Als ik langs hun half open deur loop, zie ik één van de rensters in een knal maar dan ook knalroze sportbeha en daarop is met viltstift ‘De Tank’ geschreven. Dat belooft nog wat! De kopvrouw sprint mij er tijdens een training bergop alvast finaal uit en ik besluit haar de bijnaam ‘Spartus’ te geven, een kind uit het huwelijk van Cancellara en Van Moorsel.

Op dag 2 moeten we allemaal een blok van 10 minuten hard een steile helling omhoog fietsen, dan dalen, blok 2 weer hard omhoog, weer dalen en in blok 3 opnieuw hard omhoog. Door een communicatiefout rijdt echter driekwart van het peloton strak de klim op, om pas op de top uit te blazen. De trainer kijkt na afloop bezorgd en gaat schema’s omgooien. We eten ons nadien het schompes bij een plaatselijk Italiaans restaurant waar, opnieuw door een communicatiefout, twee keer zoveel voorgerecht op tafel komt dan vooraf besproken.

Door al dat eten moet ik zeer nodig naar de wc en ik kijk wat moeilijk als mijn kamergenoot direct na mij gaat. Die snuift echter hoorbaar en zegt: “hey we hebben bijna hetzelfde luchie”. Dat is dan ook opgelost! Verder verdiept de kamergenoot zich graag in vermogenstabellen. “Manfredje, jij kijkt naar snelheid, das dom. Je moet je vermogen in de gaten houden”, zo doceert hij. Ik wil zeggen dat de snelste renner nog steeds wint, maar bijt net op tijd op mijn tong. Ik heb zijn raad namelijk nog nodig in verband met een hinderlijke kraak in mijn fiets. Volgens de kamergenoot moet ik flink kruipolie op de trapas druppelen. De dag erna schiet ik uit mijn oliegladde pedaal, haal mijn scheenbeen open en kraakt de fiets.

De volgende dagen vullen zich moeiteloos met trainingen, veel eten, (erg) veel lachen en proberen te slapen. Mijn kamergenoot snurkt namelijk als een marinier (vooral na ‘herstelbier’) en ik besluit mijn bed te verslepen naar de woonkamer. Ondertussen bimbamt de kathedraal de hele nacht en toch voel ik mij de gelukkigste mens op aarde.

P.S. De GranFondo Barcelona, 138 km over heuvelachtig terrein, start en finish te Barcelona, wordt in de sprint gewonnen door een Spanjaard. Onze kopman wordt keurig 12e en Spartus wint achteloos de sprint van de achteropkomende groep en wordt verdienstelijk tweede bij de vrouwen. De hele ploeg rijdt overigens erg goed en we winnen hierdoor het ploegenklassement. De prijs, 30kg aan heerlijk geurende ham, wordt geschonken aan onze tolk die verdere communicatiestoornissen voorkwam.

Tot slot namens de hele ploeg een speciaal woord van dank aan Pim van Wielerbus.nl voor van alles en nog wat.

Geschreven door: Manfred te Grotenhuis

Manfred te Grotenhuis, sinds 1996 op de fiets en goed voor 12000 fietskilometers per jaar. Werkzaam als onderzoeker/docent op de Radboud Universiteit, getrouwd en twee kinderen.

Website: http://www.ru.nl/sociology/mt/syntax/mtg/